Navigatie

HET GEVAAR VAN DEODORANTEN EN ANTI-TRANSPIRANTEN
 

Zweten is het mechanisme van je lichaam om af te koelen. Zweet heeft geen geur en de bekende onaangename geur wordt veroorzaakt door bacteriën die onder onze huid leven. Deze bacteriën breken de eiwitten en vetzuren uit ons zweet af wat lichaamsgeur veroorzaakt.
Deodorants gaan deze geur tegen door de geur te neutraliseren en door de bacteriën te doden die de eiwitten en de vetzuren afbreken. Antitranspiratiemiddelen proberen daarentegen om zweten te voorkomen door de poriën met aluminium af te sluiten.  Zonder zweet kunnen bacteriën de eiwitten en vetzuren die lichaamsgeur veroorzaken niet afbreken.

 

DE SEMANTIE VAN DEODORANTEN EN ANTI-PERSPIRANTEN

Antitranspiratiemiddelen proberen te verkomen dat het lichaam gaat zweten door aluminium te gebruiken. Maar de meeste antitranspiratiemiddelen bevatten ook een bestanddeel dat ontgeurend werkt. Het is mogelijk dat de termen ‘deodorant’ en ‘anti-transpirant’ daardoor door elkaar worden gebruikt. Voor de duidelijkheid, dit artikel beschouwt deodorants als producten die geuren maskeren, onderdrukken en neutraliseren.

Aluminiumchloride, aluminiumhydroxychloride en aluminium-zirkonium verbindingen, met name aluminium-zirkonium-tetrachlorohydrex gly en aluminium-zirkonium-trichlorohydrex gly worden het meest in antitranspiratiemiddelen gebruikt. De meeste van deze stoffen worden in de vorm van poeder verstrekt en het eindproduct bestaat over het algemeen voor 8-25% uit deze stoffen.

Mensen absorberen aluminium via de huid. Uit een onderzoek uit 2001 is gebleken dat aluminium nog steeds in bloedmonsters aanwezig was nadat het 15 dagen eerder slechts eenmaal op de huid van de oksel was aangebracht. Daar kunnen we uit opmaken dat het aanbrengen van aluminium op de huid een effectieve manier is om aluminium in je systeem en in je hersenen te krijgen.

In 1886 werd voor het eerst erkend dat aluminium voor de mens een neurotoxine is. Dit was voordat het als antitranspiratiemiddel werd gebruikt. Een neurotoxine is een stof die schade aan  zenuwen en het zenuwstelsel veroorzaakt.

 

ALUMINIUM ALS NEUROTOXINE: IN RELATIE TOT ALZHEIMER EN ANDERE NEUROLOGISCHE ZIEKTES

Post mortem-onderzoeken van hersenen die door Alzheimer geïnfecteerd waren, hebben uitgewezen dat deze hersenen in vergelijking met de hersenen van mensen die niet aan Alzheimer waren overleden een hogere mate van aluminium bevatten.

Het staat wel vast dat de ophoping van aluminium in de hersenen neurologische aandoeningen kan veroorzaken. Het terugdringen van het gebruik van aluminium is van cruciaal belang om te voorkomen dat aluminium zich gaat ophopen. Het besef van de mogelijke gevolgen van aluminium is een eerste vereiste om te voorkomen dat mensen door het toedoen van aluminium worden vergiftigd.

Op de korte termijn zijn de symptomen van aluminiumvergiftiging onder andere geheugenverlies, moeite met leren, verlies van coördinatie, desoriëntatie, mentale verwarring, kolieken, flatulentie en hoofdpijnen. Op de lange termijn is Alzheimer een van de mogelijke effecten bij langdurige blootstelling aan aluminium.

Uit studies is gebleken dat aluminium beter via de huid dan oraal geabsorbeerd kan worden. Bij het gebruik van antitranspiratiemiddelen wordt er slechts een hele kleine hoeveelheid op de huid aangebracht. Als antitranspiratiemiddelen echter op dagelijkse basis worden gebruikt dan resulteert dit in een langdurige blootstelling aan aluminium. Volgens een studie vergroot het gebruik van antitranspiratiemiddelen op basis van aluminium het risico op het krijgen van Alzheimer met 60%.
 

ALUMINIUM IN ANTI-TRANSPIRANTEN IN RELATIE TOT BORSTKANKER
 

De resultaten van een studie geven aan dat de mate waarin antitranspiratiemiddelen en deodorants worden gebruikt en de frequentie waarmee de oksels worden geschoren aan het op jonge leeftijd diagnosticeren van borstkanker is gerelateerd.

Het is mogelijk dat de handelingen die uiteindelijk borstkanker veroorzaken al zijn begonnen op een moment dat jaren voor het moment ligt waarop de symptomen merkbaar werden. Studies laten zien dat de kans op het ontwikkelen van borstkanker kan worden vergroot doordat vrouwen op jonge leeftijd worden blootgesteld aan stoffen die kanker kunnen veroorzaken. Daardoor hebben jonge meisjes die anti-transpiranten of deodoranten gebruiken een grotere kans om op latere leeftijd borstkanker te ontwikkelen.
 

DE ROL VAN ANTI-TRANSPIRANTEN OF DEODORANTEN BIJ HET VEROORZAKEN VAN KANKER

Er zijn twee fases die moeten worden voltooid om kanker te kunnen veroorzaken

  • Het DNA moet beschadigd zijn waardoor er cellen zijn beschadigd en
  • de groei van deze beschadigde cellen moet worden bevorderd.


Er zijn verschillende manieren waarop DNA door het gebruik van anti-transpiranten of deodoranten beschadigd kan zijn geraakt. Volgens een theorie wordt dit veroorzaakt doordat zweet zich door het gebruik van anti-transpiranten of deodoranten ophoopt. Normaal gesproken voert het lichaam afvalstoffen door middel van zweet af. De ophoping van deze giftige afvalstoffen kan schade aan de aangrenzende cellen van de borst veroorzaken.

Een ander mechanisme dat er aan kan bijdragen dat er schade aan het DNA wordt veroorzaakt zijn zouten zoals aluminium en zirkonium. Er is aangetoond dat aluminium zich aan DNA kan binden en het DNA kan aantasten. Dit resulteert in beschadigde cellen in de borst.

De meeste gevallen van borstkanker vormen zich in het deel van de borst dat zich het dichtst bij de oksel bevindt. Dit deel wordt het bovenste kwadrant aan de buitenkant van de borst genoemd en dit is tevens de plek waar antitranspiratiemiddelen en deodoranten worden aangebracht. Door het stijgende gebruik van anti-transpiranten en deodoranten is de hoeveelheid gevallen van borstkanker in het bovenste buitenste kwadrant  van de borst almaar gestegen. In 1926 ontstond 31% van de gevallen van borstkanker in het bovenste buitenste kwadrant  van de borst. In de periode van 1947 tot 1967 is dit percentage naar 43-48% gestegen. Op dit moment ontstaan de meeste vormen van borstkanker in het gedeelte van de borst dat zich het dichtst bij de oksel bevindt: in 1994 was dit 60,7%. In de meeste gevallen waarbij borstkanker in het bovenste buitenste kwadrant  van de borst ontstaat, wordt de borstkanker in de linkerborst aangetroffen. Er is een theorie waarin wordt gesteld dat dit wordt veroorzaakt omdat de meeste mensen rechtshandig zijn waardoor deze mensen meer anti-transpiranten of deodoranten onder hun linker oksel aanbrengen.

Bron: www.controlyourimpact.com

 

 

© 2017 - 2018 potje natuur | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel